Geschiedenis van de tramstelplaats

De tramstelplaats van Merelbeke kent zijn oorsprong in 1898, buurtspoorlijn Gent-(Zuid)  Merelbeke zijn intrede maakte en hier zijn eindhalte had. Enkele jaren later, in 1901, werd de stoomtram vervangen door rijtuigen met elektrische tractie wat deze lijn de tot dan enige elektrische buurtspoorlijn in het Gentse gebied maakte.

Na de Tweede Wereldoorlog maakten trams geleidelijk aan plaats voor bussen, wat ook in Merelbeke van toepassing was. Van 1955 tot 1997 deed de site dienst als stelplaats voor De Lijn, waarna de gemeente Merelbeke de site overnam. Sindsdien doet de voormalige tramstelplaats dienst als opslag- en werkplaats voor verschillende gemeentediensten. Zo wordt het schildershuisje vandaag gebruikt als kantoor en werkplaats van de grafmaker.

Oorspronkelijk bestond de site niet alleen uit de stationschefwoning, twee loodsen voor de locomotieven en het huisje voor schilderwerken, maar waren er ook andere dienstgebouwen voor de opslag van kolen, met bijhorende watertoren en lampisterie. Deze werden gesloopt in 1964.

Daarnaast omvatte de stelplaats een weegbrug voor de goederen en een laad- en loskade. Van die infrastructuur blijft vandaag echter weinig over.  Wel werd de brede gekasseide rijstrook over de gehele site behouden, hier en daar vernieuwd.

De stationschefwoning, die met zijn ligging aan de Hundelgemsesteenweg het uithangbord van de site vormt, dateert net als de loodsen van 1897. De woning bestaat uit twee bouwlagen en werd, net als de andere gebouwen op de site, ontworpen met een eclectische ondertoon. De gebouwen op de site vormen zo een geheel in stijl en vormgeving, en zijn typerend voor gebouwen aan buurtspoorwegen uit de 19e eeuw. Op deze manier vertelt de site een stukje laat 19e eeuwse geschiedenis.

De volledige site werd opgenomen in de inventaris Onroerend Erfgoed Vlaanderen en is vastgesteld als bouwkundig erfgoed. De stationschefwoning is bovendien beschermd als monument.